Wilde eend    ♦    Anas platyrhinghos
Linkermuisklik om de afbeeldingen te vergroten en te verkleinen.
Komt voor in Europa, AziŽ en Noord-Amerika.
De wilde eend zit veel op het water.   Daar eet hij planten en kleine diertjes.   Die haalt hij van de bodem door te grondelen:   kop onder water, staart omhoog.   Of hij slobbert kroos (kleine, schijfvormige plantjes die het wateroppervlak bedekken) uit het water op.   Op het water is de eend voor roofdieren moeilijk te vangen.   Maar om te broeden moet het wijfje het land op.   Daar is ze kwetsbaar, al is ze uitstekend gecamoufleerd.   Eendenkuikens moeten vaak aan land om te rusten.   In sloten en vijvers met steile oevers verdrinken veel jonge eendjes:   die kunnen de kant niet opkomen en raken uitgeput.